OZB niet-woningen

Dit taakveld bevat de onroerendezaakbelasting (OZB) op het eigendom en het gebruik door bedrijven van onroerende zaken anders dan woningen.

De maatregelen die wereldwijd genomen zijn i.v.m. Covid-19 hebben een grote impact op zowel ondernemers als burgers (particulieren). Er zijn nog geen cijfers beschikbaar over betaalgedrag tijdens corona, omdat invordering vanwege de coronacrisis tijdelijk werd stopgezet en weer in augustus is opgestart. Inzicht in het effect hiervan (cijfers) gaan we komende maanden opbouwen.
Het is de verwachting dat er meer betalingsregelingen zullen worden afgesproken, dat het bedrag dat wij oninbaar lijden omhoog gaat en dat er meer faillissementen zullen komen. Voorziening oninbaar lijden zullen we daarop moeten aanpassen en inkomsten zullen lager uitvallen dan begroot (vanwege faillissementen en trager betaalgedrag).


Invordering is zoals genoemd weer opgestart, we houden rekening met moeilijkheden en maken in deze coronatijd ruimhartigere afspraken met die belastingplichtigen die nu niet (volledig) kunnen betalen. Uiteraard binnen de geldende wet- en regelgeving.

Ontwikkelingen 2021-2024

Grote aanpassingen in de gemeentelijke belastingen staan niet op stapel. Uiteraard voeren we aanpassingen in de landelijke wetgeving tijdig door. Rotterdam doet actief mee aan landelijke onderzoek naar de toename van bezwaren via no cure no pay -bureaus. We bereiden ons voor op de ontwikkeling naar één basisregistratie voor objectgegevens. Verder werken we continu aan het verbeteren van de dienstverlening door digitalisering en toegankelijke heldere communicatie, zowel online als fysiek.

Wat kost het

Overzicht van baten en lasten OZB niet-woningenRealisatie 2019Begroting
2020 (2e Herz.)
Begroting
2021
Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Baten exclusief reserves189.247197.975199.279199.279199.279199.359

Bijdragen rijk en medeoverheden 5 0 0 0 0 0
Belastingen 186.251 197.975 199.279 199.279 199.279 199.359
Overige baten 2.990 0 0 0 0 0
Lasten exclusief reserves9.65110.0749.9969.99610.00710.007

Apparaatslasten 4.336 6.086 6.017 6.017 6.028 6.028
Inhuur 239 321 189 183 183 183
Overige apparaatslasten 121 172 200 201 201 201
Personeel 3.976 5.593 5.627 5.634 5.644 5.644
Intern resultaat 19 15 7 6 6 6
Intern resultaat 19 15 7 6 6 6
Programmalasten 5.297 3.973 3.973 3.973 3.973 3.973
Inkopen en uitbestede werkzaamheden 0 0 0 0 0 0
Kapitaallasten 0 0 0 0 0 0
Overige programmalasten 5.297 3.973 3.973 3.973 3.973 3.973
Saldo voor vpb en reserveringen 179.595 187.901 189.284 189.283 189.273 189.353
Saldo voor reserveringen 179.595 187.901 189.284 189.283 189.273 189.353
Saldo 179.595 187.901 189.284 189.283 189.273 189.353

Financiële bijstellingen

2e HerzieningBegroting 2021
Bijstellingen OZB niet-woningenBegroting 2020Begroting 2021Raming
2022
Raming
2023
Raming
2024
Eerste Herziening 2020 179.415 180.779 180.791 180.791 180.791
Bijstellingen Tweede Herziening 2020 / Begroting 2021 8.487 8.505 8.493 8.482 8.562
Concernbrede lagere overige arbeidskosten Ramingsbijstellingen onvermijdelijk 35 0 0 0 0
OZB Ramingsbijstellingen onvermijdelijk 7.460 5.525 5.525 5.525 5.605
Uitbreiding formatie door meer invorderingsactiviteiten Ramingsbijstellingen onvermijdelijk 0 -58 -58 -58 -58
Technische wijzigingen Technische wijzigingen 992 3.038 3.025 3.014 3.014
Begroting na wijzigingen 187.901 189.284 189.283 189.273 189.353

Toelichting financiële bijstellingen

Concernbrede lagere overige arbeidskosten 
Vanwege corona wordt er in 2020 minder gebruik gemaakt van het budget voor opleidingen, reizen en catering.  De begroting is hierop aangepast.

 

OZB
Met ingang van 2019 is vanwege de invoering van de taakvelden, een verdeling gemaakt van de OZB-opbrengsten tussen de taakvelden OZB woningen en OZB niet woningen. De achterliggende posten zijn daartoe gesplitst naar beide taakvelden. Dit heeft in 2019 geleid tot een vertekend beeld omdat de opgenomen verdeling van de begroting naar deze taakvelden nog niet conform de tariefbepaling was. Hierdoor worden de OZB-opbrengsten conform de tariefbepaling meerjarig herverdeeld. Dit leidt ertoe dat de OZB-opbrengsten voor het taalveld OZB-woningen meerjarig worden verlaagd met 3,5 miljoen en de OZB-opbrengsten voor het taalveld OZB niet woningen meerjarig worden verhoogd met € 3,5 mln.

Bij de onroerendezaakbelasting niet woningen zien we voor 2020 een hogere opbrengst van per saldo € 4 mln. Deze hogere opbrengst wordt voornamelijk veroorzaakt door een positieve waarde ontwikkeling in het havengebied. Vanaf 2021 wordt de begroting OZB niet woningen meerjarig verhoogd met € 2 mln.  De oorzaak van deze verhoging is de areaaluitbreiding in het havengebied.

 

Uitbreiding formatie door meer invorderingsactiviteiten  
De afgelopen jaren is geconstateerd dat er sprake is van hogere aanmanings – en vervolgingsopbrengsten als gevolg van een verbeterd invorderingsproces. Dit heeft ook geleid tot meer werkvoorraad bij de deurwaarders. Het aantal assistent deurwaarders wordt daarom met 2 fte structureel uitgebreid. De extra lasten zijn verwerkt op de verschillende taakvelden belastingen. Binnen het taakveld OZB niet woningen heeft dit geleid tot een meerjarige bijstelling van € 58.

 

Technische wijzigingen
In het taakveld OZB niet woningen zijn er diverse technische wijzigingen geweest. Direct achter de technische wijziging is het effect op het saldo weergegeven. De grootste wijzigingen zijn de herverdeling van de dotatie dubieuze debiteuren van taakveld OZB niet woningen naar taakveld OZB woningen conform tariefbepaling (€ 1,3 mln), structurele stijging van de uitvoeringskosten Parkeren door toename van aantal parkeerproducten (- € 185) herverdeling van de claim Basisregistraties (- € 140), indexering vanaf 2021 en diverse kleine technische wijzigingen (- € 7).

Omschrijving taakveld

Dit taakveld bevat de onroerend zaakbelasting (OZB) op het eigendom en het gebruik door bedrijven van onroerende zaken anders dan woningen. De uitvoeringskosten bevatten onder andere het taxeren en waarderen van niet-woningen, de heffing en inning van de OZB en het afhandelen van bezwaar en beroep. Voor een nadere toelichting op de ontwikkelingen van deze belastingsoort verwijzen wij u naar paragraaf Lokale heffingen.