Jaarstukken 2025

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen

Paginanummer in website: 224

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

De niet uit balans blijkende verplichtingen zijn langlopende overeenkomsten waaruit één of meerdere verplichtingen voortvloeien. Hiertoe rekenen we ook de verplichtingen die slechts voor één jaar of minder zijn aangegaan, die in de loop van het jaar zijn ontstaan en per ultimo van dat betreffende jaar nog voortduren. Er dient gerapporteerd te worden over alle contracten die boven het drempelbedrag liggen van de Europese aanbestedingsregels. De meerjarige contracten nemen we op voor het volle bedrag waarover het contract is gesloten.

De volgende verplichtingen worden onderscheiden:

  • garantieverplichtingen
  • inkoop- en afnameverplichtingen
  • huurverplichtingen
  • subsidieverplichtingen
  • leveringsverplichtingen
  • arbeidskostengerelateerde verplichtingen

Onderstaand volgt de beschrijving van garanties en borgstellingen zoals wordt voorgeschreven in artikel 57 van het BBV. Vervolgens is, conform artikel 53 van het BBV, een beschrijving van de belangrijkste overige financiële verplichtingen opgenomen. Ten slotte wordt een overzicht van de niet uit de balans blijkende rechten getoond.

Buiten balanstelling Gegarandeerd bedrag 31-12-2024 Gegarandeerd bedrag 01-01-2025 Gegarandeerd bedrag 31-12-2025
Niet uit de balans blijkende verplichtingen
1. Borgstellingen waarborgfondsen met achtervang gemeente Rotterdam 9.051.463 9.051.463 9.053.940
2. Garanties volkshuisvesting particulieren 20.407 20.407 17.555
3. Garanties ten behoeve van rechtspersonen 2.923 2.923 2.443
Totaal achtervang, garanties en borgstellingen 9.074.793 9.074.793 9.073.939

Achtervang, garanties en borgstellingen

Achtervang, garanties en borgstellingen (bestaande uit waarborgfondsen, garanties volkshuisvesting particulieren, gemeenschappelijke regelingen) Gegarandeerd bedrag 01-01-2025 Gegarandeerd bedrag 31-12-2025
1. Borgstellingen waarborgfondsen met achtervang gemeente Rotterdam 9.051.463 9.053.940
2. Garanties volkshuisvesting particulieren 20.407 17.555
3. Garanties ten behoeve van rechtspersonen 2.923 2.443
Totaal achtervang, garanties en borgstellingen 9.074.793 9.073.939

De onder de buiten balanstelling opgenomen posten worden hieronder nader toegelicht.

 

1. Borgstellingen van waarborgfondsen op Rotterdams grondgebied met achtervang gemeente

Borgstellingen van waarborgfondsen op Rotterdams grondgebied met achtervang gemeente Gegarandeerd bedrag 01-01-2025 Gegarandeerd bedrag 31-12-2025
a. Waarborgfonds Eigen Woning (WEW) 1.930.000 1.765.000
b. Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) 7.121.463 7.288.940
Totaal borgstellingen van waarborgfondsen 9.051.463 9.053.940

De gemeente fungeert als achtervanger bij twee verschillende waarborgfondsen, de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) en de Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Als achtervanger is de gemeente verplicht om renteloze leningen te verstrekken aan de waarborgfondsen als die in liquiditeitsproblemen komen door een te laag fondsvermogen. In lijn met de voorgaande jaren wordt het gegarandeerde bedrag weergegeven als het totaal van de borgstellingen die de waarborgfondsen hebben afgegeven op Rotterdams grondgebied. Dit is niet het werkelijke risicobedrag voor de gemeente Rotterdam. Bij aanspraak op alle achtervangers door de waarborgfondsen voor renteloze leningen wordt het hier gepresenteerde bedrag als verdeelsleutel gehanteerd. 

 

Ad 1.a Achtervang Waarborgfonds Eigen Woning

Het WEW biedt via de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) aan de geldgevers zekerheid voor het geval de hypotheekgever niet aan zijn financiële verplichtingen voldoet. Geldgevers kunnen het WEW aanspreken voor de restschuld bij gedwongen verkoop. De achtervangfunctie van de gemeente geldt alleen voor hypotheken die tot 1 januari 2011 zijn afgesloten, daarna is sprake van 100% achtervang van het Rijk. De Rotterdamse achtervangpositie bij WEW neemt jaarlijks verder af. Volgens de laatste opgave van het WEW wordt borg gestaan voor leningen onder Rotterdamse achtervang (afgegeven tot 2011) met een oorspronkelijke leningbedrag van € 1,8 mrd. Dit is 0,6% van het totaal door het WEW gegarandeerd bedrag (€ 283 mrd).

 

Ad 1.b Achtervang Waarborgfonds Sociale Woningbouw

Het WSW heeft als doel om de toegang tot de kapitaalmarkt voor de deelnemende woningcorporaties te bevorderen. Daarvoor biedt zij zekerheid aan geldgevers van woningcorporaties voor de rente- en aflossingsverplichtingen van de geborgde geldleningen. De woningcorporaties betalen hiervoor een borgstellingsvergoeding aan het WSW. Pas als de buffers van het WSW ontoereikend zijn, wordt de achtervang van het Rijk en de gemeenten aangesproken. In 2021 zijn de afspraken tussen WSW, de corporaties en de achtervangers gewijzigd. Vóór 1 augustus 2021 stonden gemeenten rechtstreeks in de achtervang voor individuele leningen. Voor leningen na 1 augustus 2021 worden leningen achteraf aan gemeenten toegerekend naar rato van het bezit van de betreffende corporatie dat zich in de gemeente bevindt. Van het totaal van € 103 mrd door het WSW geborgde bedrag heeft € 7,3 mrd betrekking op de achtervang van de gemeente Rotterdam.

2. Garanties uit hoofde van volkshuisvesting – particulieren

Garanties volkshuisvesting particulieren Gegarandeerd bedrag 01-01-2025 Gegarandeerd bedrag 31-12-2025
a. Hypotheekgaranties (50% contragarantie Rijk) 19.063 16.340
b. Garantie NRF-leningen 1.344 1.215
Totaal garanties volkshuisvesting particulieren 20.407 17.555

Ad 2.a Hypotheekgaranties

Deze hypotheekgaranties zijn in het verleden rechtstreeks door de gemeente ten behoeve van particulieren verstrekt. Tot 1995 gold er een rijksregeling. Eventuele verliezen op grond van deze regeling komen voor 50% voor rekening van het Rijk en voor 50% voor rekening van de gemeente. Het risico voor de gemeente is 50% van het verschil tussen restantschuld en de waarde van de woning bij verkoop. Bij de instelling van het WEW in 1995 eindigde deze rijksregeling.

 

Ad 2.b Garantielening NRF-leningen

In 1992 is de Samenwerkingsovereenkomst en de Overeenkomst inzake Zekerheidsfonds tussen de gemeente Rotterdam en de Stichting Nationaal Restauratiefonds (NRF) getekend. Hierbij heeft de gemeente Rotterdam zich garant gesteld voor door het NRF uitgegeven geldleningen aan voornamelijk particulieren.

 

3. Garanties ten behoeve van rechtspersonen

Achtervang, garanties en borgstellingen t.b.v. rechtspersonen Geldnemer Aandeel Rotterdam Hoofdsom Gegarandeerd bedrag 01-01-2025 Gegarandeerd bedrag 31-12-2025
           
Kunst St Muziektheater de Ontmoeting 100% 319 264 259
Zorg Stichting Argos Zorggroep 100% 4.813 1.787 1.660
  Stichting Laurens 100% 3.864 322 0
Sport en recreatie Watersportvereniging Aegir 100% 25 0 0
 Overig Woonwerkvereniging de Lelie 100% 763 550 525
Totaal garanties ten behoeve van rechtspersonen     9.784 2.923 2.443

Overige garanties en borgstellingen en ten behoeve van rechtspersonen

Ultimo 2025 was het totaal gegarandeerde bedrag € 2,4 mln (2024: € 2,9 mln). Dit betrof 3 verschillende geldnemers (2024: 5) met totaal 5 geldleningen (2024: 8). De meeste borgstellingen zijn vóór 2008 afgegeven. In 2024 zijn geen nieuwe borgstellingen verleend.  

De garantieverplichtingen betreffen met name instellingen in het segment Zorg. Het gaat hierbij om leningen ten behoeve van de investeringen in zorginstellingen, waarbij de garanties in eerste instantie in de jaren 1970 – 1990 zijn afgegeven. In de jaren 90 zijn een aantal schulden geherfinancierd en opnieuw gegarandeerd. Stichting Laurens heeft in 2025 de leningen afgelost. Het totale schuldrestant van de leningen in het segment Zorg is mede daardoor teruggelopen van € 2,1 mln ultimo 2024 naar € 1,7 mln ultimo 2025.

Bankgaranties

Ultimo 2025 heeft de gemeente Rotterdam voor in totaal € 0,1 mln aan bankgaranties uitstaan.

Renteswaps

De gemeente heeft in 2009 en 2010 renteswaps afgesloten om toekomstige renterisico’s te beperken. Daarna zijn geen nieuwe renteswaps meer afgesloten. Het totale volume van de lange financieringsbehoefte dat door middel van swaps tegen toekomstige renterisico’s is beschermd bedraagt per ultimo 2025 € 185 miljoen. Deze swaps zijn afgesloten bij de Bank Nederlandse Gemeenten, een van de meest veilige banken ter wereld. De renteswaps zijn effectief.

Bedragen x € 1.000 BNG 253507 BNG 253508 BNG 260784
Type instrument Payer swap Receiver swap Payer swap
Tegenpartij BNG Bank BNG Bank BNG Bank
Onderliggende waarde 100.000 -100.000 85.000
Jaar van afsluiten 2010 2010 2010
Ingangsjaar 2010 2010 2012
Looptijd 50 jaar 20 jaar 50 jaar
Betaalde rente 3,10% Euribor 3,31%
Ontvangen rente Euribor 3,35% Euribor
Onderliggende lening(en) 1001770 10019010
10019120
Hoofdsom onderliggende lening(en) 100.000 85.000
Marktwaarde per 31-12-2024 -18.201 4.266 -20.995
Marktwaarde per 31-12-2025 5.643 3.803 872

Een renteswap heeft bij afsluiten een marktwaarde van € 0. Afhankelijk van ontwikkelingen in de marktrente kan zich gedurende de looptijd van een renteswap een (positieve of negatieve) marktwaarde ontwikkelen. De marktwaarde van de renteswaps zal echter aan het einde van de looptijd altijd weer teruglopen tot € 0. De theoretische marktwaarde van de renteswaps bedroeg ultimo 2025 € 10,3 (ultimo 2024 was dit -/- € 34,9 mln). Deze marktwaarde is echter alleen van belang indien er sprake is van een bijstortverplichting – daarbij wordt een bedrag tot maximaal de marktwaarde ter zekerheid aan de tegenpartij in onderpand gegeven – of als er voortijdig moet worden afgekocht. Omdat voor de gemeente geen bijstortverplichting geldt en er contractueel geen bijzondere ontbindende voorwaarden bestaan, is deze theoretische marktwaarde voor de gemeente niet relevant.

Inkoopverplichtingen

Onderstaand worden de lopende contracten vermeld waarvoor langlopende inkoopverplichtingen bestaan.

Inkoop- en afnameverplichtingen  Openstaande verplichting
Categorie  
01 - Personeelsgerelateerde zaken 6.666
02 - Kantoorinrichting en benodigdheden, middelen voor bedrijfsvoering en informatie 12.461
03 - Automatisering en telecommunicatie 90.984
04 - Flexibele arbeid 103.203
05 - Advies en onderzoek (niet op basis van detachering) 446.676
06 - Vervoer, aandrijfsystemen, emballage 84.600
07 - Gebouwen en gebouwgerelateerde installaties 1.026.286
08 - GWW (aanleg en onderhoud), niet gebouwgerelateerde installaties en openbare ruimten 115.387
09 - Hulpverlening en openbare orde 6.465
10 - Sociaal domein 27.631
11 - Niet Inkoop 3.935
Totaal 1.924.294

 

Huurverplichtingen

Voor de vastgoedexploitatie wordt een aantal vastgoedobjecten meerjarig gehuurd. Onderstaande tabel toont de huurverplichtingen voor 2024 en de daaropvolgende jaren.

Huurverplichtingen  Verplichting
Huurcontract voor:  
Concernhuisvesting                                                                                          339.860.252
Onderwijs                                                                                          242.471.409
Sport en Recreatie                                                                                            14.766.628
Kunst en Cultuur                                                                                          108.029.290
Overige                                                                                            84.334.768
Totaal                                                                                          789.462.347

 

Subsidieverplichtingen

Verplichtingen van subsidies die toegekend zijn in 2025 waarvan de activiteiten gedeeltelijk of geheel plaatsvinden in 2026.

Subsidieverplichtingen Openstaande verplichting (x € 1.000,-)
Zorg, welzijn en wijkteams 153.268
Cultuur 105.280
Onderwijs 39.353
Armoede, schuldhulpverlening, inburgering en samenleving 11.251
Energietransitie 822
Volksgezondheid 3.835
Stedelijke ontwikkeling 9.954
Sport en recreatie 369
Economische ontwikkeling 1.239
Werk en Inkomen 0
Dienstverlening 0
Beheer van de stad 1.869
Veilig 0
Overhead 69
Bestaande stad 0
Totaal 327.307

 

Arbeidskostengerelateerde verplichtingen

Voor de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen met vergelijkbaar volume is door het college een eenduidige gedragslijn ontwikkeld. Voor de arbeidskostengerelateerde verplichtingen heeft de gemeente geen voorziening getroffen. Uitgangspunt is het BBV waarin staat voorgeschreven dat voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen met een jaarlijks vergelijkbaar volume, zoals voor verlofsparen, geen verplichting mag worden opgenomen. Uitzonderingen vormen specifieke posten voor pensioenen van bestuurders. Jaarlijks wordt een inventarisatie gemaakt van de arbeidskostengerelateerde verplichtingen (met onderbouwing). Op grond van de onderbouwing wordt beoordeeld of de geïnventariseerde verplichtingen leiden tot een verstorend effect.

Er is sprake van een verstorend effect indien de mutaties in de omvang van de gemiddelde verplichtingen of de lasten voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen, over een periode van vier jaar meer dan 2% bedraagt van het totaal aan personele lasten van de jaarrekening (t-1). Indien sprake is van een verstorend effect, is sprake van een ‘niet vergelijkbaar volume’. In dat geval wordt in de concernjaarrekening een voorziening gevormd voor het deel dat de norm van 2% overschrijdt. Indien het risico zich voordoet, dan beslist het college bij de bestuursrapportages over de budgettaire consequenties. De gemiddelde omvang van de aan arbeidskostengerelateerde verplichtingen in de periode 2026 tot en met 2029 bedraagt € 36,2 mln, waarbij de mutaties in de jaarschijven per jaar onder de tolerantienorm van circa € 26,0 mln blijven. De gemeente blijft hiermee onder de norm en er is geen sprake van een verstorend effect.

Niet uit de balans blijkende rechten

Huurrechten

Huurvorderingen van huurcontracten op jaarbasis op portefeuilleniveau.

Portefeuille Totaal
Beheer Gebiedsontwikkeling (0.3) 9.716
BNK Bedrijfsmatig Onroerend Goed (0.3) 1.677
BNK Wonen (0.3) 147
Brandstofverkooppunten (0.3) 37.520
Concernhuisvesting 367
Fonds Vitale Kernen (0.3a) 227
GO Beheer Go panden NPRZ (0.3) 4.544
GO Beheer GREX (0.3) 2.435
Grond (0.3) 22.004
Kunst & Cultuur (0.3) 163.908
Onderwijs (0.3) 30.972
Parkeren (0.3) 32.411
Reclame (0.3) 20.253
Sport & Recreatie (0.3) 81.962
Strategisch Grond (0.3) 3.140
Strategisch Vastgoed (0.3) 108.675
Strategisch Water (0.3) 922
Welzijn & Zorg (0.3) 15.003
Totaal 535.884

 

 

Overige rechten

In 2025 heeft de gemeente Rotterdam een SUP-vergoeding (Single Use Plastic) ontvangen over 2023 en 2024 voor het opruimen van zwerfafval. Hiervoor is een recht opgenomen van € 1.425. De definitieve vergoeding wordt pas vastgesteld in 2026, afhankelijk van het doorlopen van de bezwaarprocedure.