Begroting 2027

Doel: In 2030 heeft Rotterdam een gebouwde omgeving die vitaler, veiliger, en gezonder is, en waarin bewoners fijn kunnen wonen.

Paginanummer in website: 87

Doel: In 2030 heeft Rotterdam een gebouwde omgeving die vitaler, veiliger, en gezonder is, en waarin bewoners fijn kunnen wonen

 

Wat wil de gemeente bereiken?

We willen dat Rotterdammers veilig, gezond en prettig kunnen wonen in woningen van goede kwaliteit. Dit betekent dat funderingsproblemen tijdig worden onderkend en aangepakt, de basiskwaliteit van woningen verbetert en huurders in de particuliere sector beter worden beschermd tegen te hoge huren en ongewenst verhuurgedrag.

1. Bewustwording funderingsproblematiek vergroten, zodat eigenaren tijdig kunnen ingrijpen.   

  • Met wijkgerichte en bloksgewijze projecten vergroten we de bewustwording over funderingsproblemen. Zo helpen we woningeigenaren bij onderzoek en herstel, en bouwen we samen aan een veilige en gezonde woonomgeving.

  • Bewustwording: Vanuit verschillende invalshoeken wordt op wijk, buurt en blokniveau doorlopend ingezet op het creëren van bewustwording over funderingsproblematiek.

  • Funderingsonderzoek: Het uitvoeren van funderingsonderzoek wordt gestimuleerd door inzet van procesbegeleiding en subsidie. Indien funderingsonderzoek urgent is wordt handhaving ingezet als sluitstuk.

  • Funderingsherstel: Het uitvoeren van funderingherstel wordt gestimuleerd door inzet van procesbegeleiding. Indien het een urgente herstelopgave betreft wordt handhaving ingezet als sluitstuk.

2. Verhuurgedrag en betaalbaarheid in particuliere sector is verbeterd  

Een particuliere huursector waarin huurders een redelijke huurprijs betalen en waar geen ongewenst verhuurgedrag voorkomt.

Hiertoe worden acties voortgezet en uitgebreid om meldingsbereidheid van huurders te vergroten, zodat meer mogelijke misstanden kunnen worden onderzocht en aangepakt. Daarnaast wordt een handhavingsstrategie vastgesteld en toegepast waarmee strenger wordt opgetreden tegen excessen en recidive.
De effecten hiervan zijn dat meer huurders ongewenst verhuurgedrag melden, te hoge huurprijzen aangepast worden en ongewenst verhuurgedrag wordt teruggedrongen.

3. De basiskwaliteit van woningen is verbeterd. 

Met de Basisaanpak werken we aan een particuliere woningvoorraad die voldoet aan het basiskwaliteitsniveau, met actieve en goed functionerende VvE’s die in staat zijn om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor het beheer en onderhoud van hun gebouw. Waar mogelijk wordt de aanpak gecombineerd met verduurzaming van de woningen. Hiermee willen we niet alleen bestaande onderhoudsachterstanden aanpakken, maar ook eigenaren en VvE’s in staat stellen om het bereikte kwaliteitsniveau op langere termijn te behouden en nieuwe achterstanden zoveel mogelijk te voorkomen.

Met toezicht en handhaving zorgt de gemeente dat de minimale basiskwaliteit van de bestaande gebouwde omgeving wordt behouden en waar nodig wordt hersteld. Situaties die risico's opleveren voor de veiligheid, gezondheid en bruikbaarheid van bouwwerken worden zo beperkt. Eigenaren worden gestimuleerd om hun verantwoordelijkheid te nemen voor het naleven van wet- en regelgeving. Dit kan plaatsvinden middels onze wettelijke taak, het behandelen van meldingen en handhavingsverzoeken van bewoners en bedrijven, maar ook via gebiedsgerichte en thematische inzet. Daarmee dragen we bij aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige woningvoorraad en voorkomen we verdere achteruitgang van de kwaliteit van gebouwen.

4. Toekomstbestendige en gedifferentieerde woningvoorraad

We geven in het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid (NPRZ) samen met het Rijk, de corporaties en de markt een enorme impuls aan het uitbreiden van het aantal woningen. Daardoor komen er meer verschillende woningen. Ook wordt het bestaande aanbod beter en klaargemaakt voor de toekomst. En er komt meer aandacht voor groen, speelplekken, verkeer en voorzieningen. De gemeente doet dit niet alleen voor, maar ook met de bewoners op Zuid. 

5. Het sturen op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor alle doelgroepen in de gebouwde omgeving.

Er wordt gestuurd op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor verschillende doelgroepen over de stad en in de gebouwde omgeving. Daarbij is het uitgangspunt dat Rotterdammers in een kwetsbare positie een eerlijke kans moeten krijgen op een woning, die past bij hun inkomen, soort huishouden en zorgbehoefte.

  • Voldoende woningen voor specifieke doelgroepen, waaronder studenten, jongeren en ouderen.
  • Meer geschikt woningaanbod voor ouderen, dat past bij hun zorgvraag en levensfase.
  • Zo min mogelijk mensen bevinden zich in een dak- en thuisloze situatie.
  • Beschikbaar komende (sociale) woningen zo eerlijk en transparant mogelijk verdelen.

6. Sturen op beter benutten van bestaande voorraad woningen

  • Meer en sneller woonruimte realiseren binnen de bestaande stad, door een betere benutting van de woningvoorraad.
  • Dat gebeurt door extra woonlagen op gebouwen, meer woningdelen met andere huishoudens, woningen splitsen en door verkorten van leegstand.
  • De druk op de woningmarkt verlichten door het toevoegen van betaalbare en passende woonruimte. 

7. Beleidsontwikkeling toekomstbestendige woningvoorraad

Rotterdam werkt aan beleidsontwikkeling voor de gebouwde omgeving op thema’s als funderingen, verduurzaming, achterstallig onderhoud en bewonersbescherming bij ingrijpende projecten om nog effectiever aan een toekomstbestendige woningvoorraad te kunnen werken.

Wat gaat de gemeente daarvoor doen?

We zetten een combinatie in van voorlichting, ondersteuning, samenwerking en toezicht en handhaving. Daarmee stimuleren we eigenaren om tijdig maatregelen te nemen voor de kwaliteit van hun woning en de fundering. De gemeente grijpt in waar wettelijke normen worden overtreden, zoals bij ongewenst verhuurgedrag en te hoge huren.

1. Bewustwording funderingsproblematiek vergroten, zodat eigenaren tijdig kunnen ingrijpen

  • Funderingsloket: Zorgdragen voor een toegankelijk loket en een actuele, digitale informatievoorziening die laagdrempelig inzicht biedt en inwoners in staat stelt zelfstandig antwoorden te vinden op hun funderingsvragen.
  • Bewustwording vergroten: Particuliere eigenaren in risicogebieden tijdig informeren en bewust maken van funderingsproblematiek, zodat zij op tijd maatregelen kunnen nemen.
  • Actieve ondersteuning: Eigenaren stimuleren en begeleiden bij de concrete opgaven die voortvloeien uit funderingsproblematiek, waarbij handhaving als sluitstuk wordt ingezet om urgent funderingsonderzoek en -herstel te kunnen realiseren.
  • Strategische samenwerking: Binnen landelijke en regionale netwerken, waaronder de Nationale Aanpak Funderingen (NAF), investeren in intensieve samenwerking met het Rijk, andere gemeenten en medeoverheden, kennisinstituten, belangenorganisaties en de financiële sector om kennis uit te wisselen, beleid af te stemmen en te werken aan een toekomstbestendige aanpak.

2. Verhuurgedrag en betaalbaarheid in particuliere sector is verbeterd

  • Proactief handhaven voortzetten en uitbreiden proactieve integrale controles in andere wijken.
  • Proactieve informatieve straatacties om huurders te informeren uitbreiden naar andere wijken.
  • Nieuwe handhavingsstrategie vaststellen en toepassen waardoor meer sancties (last onder dwangsom en bestuurlijke boete) opgelegd worden.
  • Verbeteren van de zichtbaarheid door het realiseren van een extra fysiek infopunt op de Noord-Oever om het informeren en melden meer laagdrempelig te maken.
  • Meer naamsbekendheid door een nieuwe (aangepaste) communicatiecampagne.

3.  De basiskwaliteit van woningen is verbeterd

De gemeente activeert en versterkt VvE's, zodat zij zelfstandig besluiten kunnen nemen over beheer, onderhoud en verduurzaming. Eigenaren en VvE's worden begeleid bij het in beeld brengen, organiseren en uitvoeren van de benodigde maatregelen om achterstallig onderhoud aan te pakken. Waar mogelijk wordt onderhoud gecombineerd met verduurzamingsmaatregelen. Daarbij worden verschillende vormen van ondersteuning en financiële instrumenten ingezet. Zo brengt de gemeente eigenaren en VvE's in beweging om de uitvoering van maatregelen mogelijk te maken.

4. Toekomstbestendige en gedifferentieerde woningvoorraad

  • Snel, maar met kwaliteit afmaken van de lopende projecten grondige aanpak. samenvoegen/vergroten/verbeteren en de winkelstratenaanpak op de Beijerlandselaan – Groene Hilledijk.
  • Versnelling en meer nieuwbouw in 5 focuswijken (Carnisse, Bloemhof, Hillesluis, Tarwewijk en Lombardijen).
  • Aanpak slechte woningvoorraad en verzakkings- en funderingsproblematiek Bloemhof met een integrale gebiedsaanpak.
  • Aanpak van grootschalige geconcentreerde problematische particuliere voorraad Carnisse met een integrale gebiedsaanpak 
  • Inzet van divers ondersteunend beleid. 
  • Goed toezicht en afspraken.

5. Het sturen op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor alle doelgroepen in de gebouwde omgeving.

  • De gemeente hanteert voor de toewijzing van beschikbare corporatiewoningen de volgende verdeelsleutel: 45% voor regulier woningzoekenden zonder urgentie, 25% voor kwetsbare Rotterdammers met urgentie en 30% voor andere aandachtsgroepen met urgentie.
  • De gemeente maakt afspraken met zorgpartijen en corporaties over het toevoegen van zorggeschikte en geclusterde woningen voor ouderen in woningbouwplannen.
  • De gemeente werkt samen met corporaties aan het bevorderen van doorstroming, bijvoorbeeld door de inzet van senioren makelaars.
  • De gemeente stuurt op gebiedsgerichte woningbouwprogrammering, vanuit het principe ‘wijken voor iedereen’.

6. Sturen op beter benutten van bestaande voorraad woningen

  • De inzet op het toevoegen van extra lagen, woningdelen, woningvorming/ splitsen en leegstandsaanpak verder concretiseren.
  • Eigenaren kunnen met vragen en voor ondersteuning terecht bij een gemeentelijk adviseur: de optopcoach. 
  • Kansrijke initiatieven inzetten om sneller extra woningen beschikbaar te krijgen. 
  • Actief ondersteunen bij de uitvoering van projecten die bijdragen aan een beter benutting van de bestaande woningvoorraad. 
  • Met corporaties, particuliere eigenaren en VvE’s belemmeringen voor verdichting en toevoeging in kaart brengen en waar mogelijk wegnemen.
  • Meer flexibiliteit creëren voor initiatieven door ruimere regels voor woninggrootte, parkeernormen en betaalbare woningbouw.
  • Invoeren van een leegstandverordening, die woningeigenaren verplicht om langdurige leegstand bij de gemeente te melden.

7. Beleidsontwikkeling toekomstbestendige woningvoorraad

  • Kaders voor onder andere funderingsaanpak en bewonersbescherming verder uitwerken.
  • Aansluiten bij landelijke ontwikkelingen en kennis toepassen in Rotterdamse praktijk over funderingen.

Effect- en prestatie indicatoren

Effect- en prestatie indicatoren

Bron

Realisatie 2025

Begroting 2026 Raming 2027 Raming 2028 Raming 2029 Raming 2030
Indicatoren die meten of de gemeente het doel bereikt (effectindicatoren)  
1.Subsidie funderingsonderzoek (aantal woningen) Funderingsloket 367 300 300 300 300 300
Funderingen hersteld (aantal woningen) Funderingsloket 30 50 50 50 50 50
Pilot QuickScans (aantal woningen) Funderingsloket n.v.t. 100 200 300 300 300
2.Aantal woningen dat basiskwaliteit niveau heeft bereikt (aantal gereedgemelde woningen) Programma Aanpak Basiskwaliteit Programma Steigers op Zuid 2.0: 1.122

Programma Steigers op Zuid 2.0:    2.210 

Programma Basisaanpak:  100

Programma Steigers op Zuid 2.0: 2.600 

Programma Basisaanpak: 400

N.n.b. N.n.b. N.n.b.
Indicatoren die meten of de prestatie worden gehaald (prestatieindicatoren)  

1.Wijkgerichte aanpak (aantal woningen)

  Funderingsloket

 3.483

 2.000

 2.000

2.000

 2.000

 2.000

Bloksgewijze aanpak (aantal woningen)

Funderingsloket

622

500

500

500

500

500

Procesbegeleiding funderingsherstel (aantal woningen)

Funderingsloket

332

200

200

200

200

200

3.Twee communicatiecampagnes per jaar ihkv Goed huren verhuren

Goed huren verhuren

2

2

2

2

N.n.b.

N.n.b.

80% van de huurders is geholpen na een melding

Goed huren verhuren

80%

80%

80%

80%

N.n.b.

N.n.b.

Twaalf integrale handhavingsacties per jaar ihkv Goed huren verhuren

Goed huren verhuren

12

12

12

12

N.n.b.

N.n.b.

80% van de meldingen is tijdig afgehandeld

Goed huren verhuren

N.n.b.

80%

80%

80%

N.n.b.

N.n.b.

5. Het sturen op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor alle doelgroepen in de gebouwde omgeving

Via Maaskoepel

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t

n.v.t.

 

Toelichting indicatoren

1. Bewustwording funderingsproblematiek vergroten, zodat eigenaren tijdig kunnen ingrijpen

Toelichting effectindicatoren:

  • Subsidie funderingsonderzoek: Het aantal woningen per jaar waar funderingsonderzoek is uitgevoerd met behulp van subsidie. De realisatie op deze effectindicator is afhankelijk van welwillendheid en besluitvorming van woningeigenaren.
  • Funderingen hersteld: Het aantal woningen per jaar waar funderingsherstel is uitgevoerd met behulp van procesbegeleiding. De realisatie op deze effectindicator is afhankelijk van welwillendheid en besluitvorming van woningeigenaren.
  • Pilot QuickScans: Het aantal woningen per jaar waarvoor een quickscan is uitgevoerd. De realisatie op deze indicator wordt beïnvloed door ontwikkelingen op de woningmarkt.

Toelichting prestatie-indicatoren:

  • Wijkgerichte aanpak: Het aantal woningen per jaar waarvan de eigenaren op wijk- of buurtniveau worden benaderd om bewustwording over funderingsproblematiek te vergroten. Hierbij worden eigenaren gestimuleerd om met subsidie funderingsonderzoek uit te voeren.
  • Bloksgewijze aanpak: Het aantal woningen per jaar waarvan de eigenaren op blokniveau benaderd worden gericht op het uitvoeren van funderingsonderzoek. Het betreft blokken waarvan er een (sterk) vermoeden is dat de fundering van één of meerdere panden in een blok onvoldoende functioneert of gaat functioneren. Voor het onderzoek is subsidie beschikbaar. Indien er sprake is van urgentie wordt er gehandhaafd.
  • Procesbegeleiding funderingsherstel: Het aantal woningen per jaar waarbij procesbegeleiding wordt aangeboden om te komen tot funderingsherstel. De realisatie op deze indicator is afhankelijk van het aantal uitgevoerde funderingsonderzoeken, de mate waarin hieruit een concrete herstelopgave voortvloeit en de opvolging daarvan door woningeigenaren.

2. Goed huren en verhuren

Toelichting prestatie-indicatoren:

  • Twee communicatiecampagnes per jaar om de bekendheid van ongewenst verhuurgedrag te vergroten en om meer meldingen te genereren;
  • 80% van de huurders is geholpen na een melding. Huurders zijn geholpen als er geen sprake (meer) is van ongewenst verhuurgedrag;
  • 12 integrale handhavingsacties per jaar om ongewenst verhuurgedrag aan te pakken;
  • 80% van de meldingen tijdig afgehandeld. Een melding is tijdig afgehandeld als aan de wettelijke termijn voldaan is. Deze is in beginsel 8 weken en kan eenmalig verlengd worden met een redelijke termijn.

3. Basiskwaliteit woningen 

Toelichting effect-indicator:

Aantal woningen dat het basiskwaliteitsniveau heeft bereikt. Deze indicator geeft inzicht in de mate waarin de basisaanpak leidt tot het op basiskwaliteit brengen van de aangewezen particuliere woningen. Gemeten wordt het aantal woningen dat na uitvoering van de benodigde maatregelen het basiskwaliteitsniveau heeft bereikt en gereed is gemeld.

5. Het sturen op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor alle doelgroepen in de gebouwde omgeving. 

De verdeelsleutel zoals vastgelegd in de Woonvisie.
Verdeelsleutel: 45% regulier, 25% huisvesting kwetsbaren met urgentie en 30% andere aandachtgroepen met urgentie.

Streefwaarden worden nog uitgewerkt.

Risico's

1.Bewustwording funderingsproblematiek vergroten, zodat eigenaren tijdig kunnen ingrijpen

  •           Het effect van de funderingsaanpak is voor de daadwerkelijke uitvoering van onderzoek en herstel afhankelijk van vrijwillige collectieve besluitvorming door woningeigenaren. Deze besluitvorming is uiterst kwetsbaar. Bij funderingsonderzoek schrikt de informatieplicht bij verkoop eigenaren vaak af, terwijl funderingsherstel forse investeringen vraagt. Wanneer hier ook nog juridische, technische en sociale vraagstukken bij spelen, belemmerd dat de besluitvorming ernstig.
  • De bekendheid van de problematiek neemt al jaren toe, waardoor de vraag naar funderingsonderzoek en -herstel stijgt terwijl het aanbod in de markt beperkt blijft. De praktijk laat toenemende signalen zien van krapte, wat leidt tot langere wachttijden en hogere prijzen. De verwachting is dat dit de realisatie van de doelstellingen in toenemende mate negatief zal beïnvloeden.
  • Het Funderingsloket beschikt over onvoldoende capaciteit om aan de groeiende vraag naar specialistisch advies, data en procesondersteuning te voldoen. Dit wordt veroorzaakt door de taakverbreding die voortvloeit uit de opgave rondom niet-onderheide woningen en veranderende marktomstandigheden onder invloed van de Nationale Aanpak Funderingen.
  • Het saldo van de bestemmingsreserve is ontoereikend om gedurende de komende collegeperiode op het huidige niveau te blijven investeren in productontwikkeling en wijkgerichte en bloksgewijze initiatieven, aangezien dan niet langer voldaan kan worden aan de bijbehorende meerjarige verplichtingen.

2. De basiskwaliteit van woningen is verbeterd

  • Verslechtering van de kwaliteit van de particuliere woningvoorraad, waardoor onderhoudsachterstanden groter worden en steeds ingrijpendere en kostbaardere maatregelen nodig zijn om woningen op basiskwaliteit te brengen.
  • Onvoldoende financiële draagkracht van eigenaren, waardoor noodzakelijke maatregelen in onderhoud en verduurzaming worden uitgesteld of niet worden uitgevoerd.
  • Niet goed functionerende VvE's door onder andere het ontbreken van een functionerend bestuur, waardoor structureel beheer en onderhoud onvoldoende van de grond komen.
  • Onvoldoende uitvoeringscapaciteit : hierdoor kunnen minder woningen worden aangepakt, waardoor het behalen van de ambitie onder druk komt te staan.

Risico's ten aanzien van de inzet van toezicht en handhaving binnen dit subdoel:

  • Een toename van meldingen en handhavingsverzoeken kan ertoe leiden dat capaciteit verschuift van proactief naar reactief toezicht. Hierdoor komt de gebiedsgerichte aanpak onder druk te staan, waardoor kwaliteitsproblemen minder vroegtijdig worden gesignaleerd en aangepakt.
  • Nieuwe wettelijke verplichtingen, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid of veiligheid, zijn niet altijd goed in te passen in de bestaande en verouderde woningvoorraad. Dit kan het realiseren en behouden van de gewenste basiskwaliteit bemoeilijken.

3. Verhuurgedrag en betaalbaarheid in particuliere sector is verbeterd

  • Lage meldingsbereidheid huurders door de angst voor de verhuurder.
  • Taalbarrière bij huurders kan leiden tot minder meldingen.
  • Opgave wordt groter dan de beschikbare uitvoeringscapaciteit, waardoor niet alle meldingen tijdig afgehandeld kunnen worden. Krapte op de arbeidsmarkt kan de uitbreiding van het team vertragen, doordat geschikte medewerkers beperkt beschikbaar zijn en nieuwe medewerkers bovendien moeten worden opgeleid.
  • Effecten kunnen onvoldoende gemeten worden door ontbreken van goed monitoringssysteem.

5. Het sturen op een evenwichtige verdeling van passende huisvesting voor alle doelgroepen in de gebouwde omgeving.

  • Schaarste en teruglopende aantallen vrijkomende woningen op de woningmarkt bemoeilijken een evenwichtige verdeling van huisvesting. 
  • Het aantal en de omvang van aandachtsgroepen nemen door wettelijke kaders toe. Daardoor komt de verdeelsleutel onder druk te staan.
  • De bouw van zorggeschikte en geclusterde woningen is vaak financieel onrendabel.
  • Verschillen in draagkracht tussen wijken kunnen de leefbaarheid onder druk zetten. 
  • Concentratie van kwetsbare groepen in minder draagkrachtige wijken kan gevolgen hebben voor leefbaarheid en veiligheid. 
  • Onvoldoende afstemming met andere gemeenten in de regio vergroot het risico op een onevenwichtige spreiding.

6. Sturen op beter benutten van bestaande voorraad woningen door onder andere extra lagen op woningen, woning delen, splitsen en leegstandsaanpak.

  • Vergunningprocedures.
  • Erfpacht.
  • Parkeernormen.
  • Organisatiekracht en besluitvorming binnen VvE's.
  • Beperkt commitment en beperkte uitvoeringscapaciteit bij partners.

7. Beleidsontwikkeling toekomstbestendige woningvoorraad

  • Funderingsproblemen, onderhoud, verduurzaming en leegstand versterken elkaar en en zorgen voor een ingewikkelde opgave.
  • De omvang van de funderingsproblematiek en verduurzamingsopgave vraagt om samenwerking en veel werk over een langere periode. 
  • Onvoldoende financiële middelen kunnen de voortgang van de aanpak beperken. 
  • Afhankelijkheid van meerdere partijen kan leiden tot vertraging in uitvoering en besluitvorming. 
  • De grote hoeveelheid woningen op houten heipalen vergroot de kwetsbaarheid van de woningvoorraad.